Werkgever kan vaker en langer arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd aangaan met jongeren onder de 27 jaar
Een oplopende jeugdwerkloosheid is één van de gevolgen van de huidige economische crisis. Om die reden wilde de wetgever jongeren gedurende de crisis langer aan het werk te houden en om daarmee dus een verdere groei van de jeugdwerkloosheid te beperken.
Per 8 juli 2010 is daarom de wet aangepast, waardoor het mogelijk is om jongeren tot 27 jaar vaker en langer op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd te laten werken. Deze maatregel is wel van tijdelijke aard.
Hoe zit het ook alweer met de huidige regeling?
Onder misbruik van rechtspersonen moet worden verstaan: het gebruik van een rechtspersoon voor ongeoorloofde doeleinden. Hieronder worden in ieder geval misdrijven en overtredingen van financieel-economische aard door of door middel van een rechtspersoon begrepen, waaronder het gebruik van een rechtspersoon met het oog op het benadelen van zijn schuldeisers en financiering van terroristische organisaties en witwaspraktijken.
Wanneer de maximaal drie overeenkomsten binnen een periode van 36 maanden blijven, eindigt de laatste (derde) arbeidsovereenkomst van rechtswege op de afgesproken datum. De werkgever hoeft dan dus geen ontslagvergunning aan te vragen of een ontbindingsverzoek bij de rechter in te dienen.
De tijdelijke arbeidsovereenkomsten mogen onderling in looptijd verschillen. Het is dus bijvoorbeeld mogelijk om twee keer een arbeidsovereenkomst voor een half jaar aan te gaan en vervolgens een overeenkomst voor één of zelfs twee jaar.
Indien er een periode van meer dan drie maanden ligt tussen twee arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd, dan wordt daardoor de keten in beginsel doorbroken en kan er met een nieuwe ketting van drie contracten worden begonnen. Let op, in de meeste gevallen mag dan niet in de eerste overeenkomst opnieuw een proeftijd worden opgenomen!
Daarnaast moet, indien van toepassing, altijd even de CAO er bij gepakt worden. In een CAO kan namelijk van de ketenbepaling worden afgeweken door deze te beperken of juist te verruimen.
Wat is er nu nieuw?
De wetgever heeft de grenzen voor werknemers jonger dan 27 jaar opgerekt. Met deze jongere werknemers kunnen nu binnen een periode van vier jaar maximaal vier arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd worden gesloten.
De einddatum van de laatste arbeidsovereenkomst in de keten is bepalend bij de beantwoording van de vraag of de betreffende werknemer binnen de groep van werknemers jonger dan 27 jaar valt. Bij het bereiken van de leeftijd van 27 jaar houdt namelijk de werking van de tijdelijke aanvulling op en valt de werknemer dus terug op de algemene ketenbepaling. Dat is dus opletten.
Stel een werknemer werkt thans op basis van zijn derde achtereenvolgende arbeidsovereenkomst met de looptijd van één jaar. De laatste arbeidsovereenkomst eindigt per 1 augustus 2010 en de werknemer bereikt op 25 februari 2011 de leeftijd van 27 jaar. De werkgever kan na 1 augustus 2010 nog één keer een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd overeenkomen met als einddatum uiterlijk 24 februari 2011, de dag voordat de werknemer de leeftijd van 27 jaar bereikt. Indien de werkgever echter nog een vierde arbeidsovereenkomst van één jaar zou aanbieden, dan eindigt deze niet op de overeengekomen datum, maar komt de werknemer van rechtswege voor onbepaalde tijd in dienst.
Dat is dus goed opletten en rekenen. Een foutje, met alle gevolgen van dien is zo maar gemaakt!
Zoals gezegd, betreft het een tijdelijke crisismaatregel en deze geldt in principe tot 1 januari 2012. Wanneer de economische crisis aanhoudt, kan de maatregel verlengd worden tot uiterlijk 1 januari 2014.
De tijdelijke wetswijziging biedt werkgevers echter in ieder geval wel de mogelijkheid om flexibeler om te gaan met de inzet van jongere werknemers, maar let er goed op dat de laatste arbeidsovereenkomst in de keten eindigt vóór de 27-ste verjaardag van de werknemer.







